Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg.
Menu
Zoek

Zo ziet een Schijf van Vijf-schoollunch eruit

Om ervoor te zorgen dat de verzorgde schoollunch voor alle kinderen minstens net zo gezond, of gezonder is dan de lunch die zij van huis meekrijgen, is het belangrijk dat deze voldoet aan richtlijnen. In Nederlandse onderzoeken werden de Schijf van Vijf-Richtlijnen gebruikt. Dat betekent dat minimaal 80% van het aanbod afkomstig is uit de Schijf van Vijf en maximaal 20% bestond uit dagkeuzes.

Richtlijnen doen ertoe

Onderzoek buiten Nederland laat zien dat richtlijnen voor schoolmaaltijden resulteren in gezondere voedselkeuzes: een hogere fruitinname en een lagere inname van (verzadigd) vet en zout. Het is hierbij belangrijk dat de standaard hoog ligt, anders kan het ervoor zorgen dat groepen kinderen juist minder gezond gaan lunchen. Een kind dat bijvoorbeeld altijd water of halfvolle melk mee naar school krijgt en tijdens een schoollunch sinaasappelsap neemt, betekent een achteruitgang voor dat kind.

Een gezond aanbod

Een gezonde schoollunch bestaat uit Schijf van Vijf-producten. Daarnaast is er ruimte voor 1 dagkeuze aan broodbeleg (dagkeuzes zijn kleine keuzes buiten de Schijf van Vijf). Het is van belang dat er voldoende variatie in het aanbod zit, om verschillende voedingsstoffen voldoende binnen te krijgen. Bij een lunchbuffet stimuleer je kinderen om zo veel mogelijk Schijf van Vijf-producten te kiezen. Dat doe je door de gezonde keuzes aantrekkelijk en opvallend te presenteren.

Bekijk onze materialen

Benieuwd wat je allemaal kunt aanbieden als onderdeel van een Schijf van Vijf lunch? Doe inspiratie op met deze handige materialen.

Richtlijnen Schijf van Vijf schoollunch
Een gezonde schoollunch bestaat uit Schijf van Vijf-producten. Je kunt daarbij kiezen voor een broodlunch of warme lunch. Waar een broodlunch of warme lunch aan moet voldoen, lees je Richtlijnen Schijf van Vijf lunch

sluiten
Broodjesbouwer
Productenlijst
Rekening houden met allergieën en (di)eetwensen

Op elke school zijn kinderen met allergieën of dieetwensen in verband met een bepaalde (geloofs)overtuiging. Denk aan koemelkallergie of coeliakie en aan halal voeding. Uiteraard hou je hier rekening mee bij een schoollunch. Als het nodig is, kun je individuele afspraken vastleggen met ouders.

Als er kinderen zijn met een ernstige allergie voor pinda’s of noten, is het verstandig specifieke afspraken te maken. Bijvoorbeeld door in die klas geen notenpasta of pindakaas aan te bieden. Ook voor kinderen met coeliakie is het belangrijk goede afspraken te maken, om kruisbesmetting te voorkomen.

Voor de kinderen met allergieën of dieetwensen kun je aparte producten aanbieden. Denk aan een verrijkte ongezoete sojadrink voor kinderen met een koemelkallergie, glutenvrij volkoren- of bruinbrood voor kinderen met coeliakie en halal boterhamworst voor Islamitische kinderen. Deze producten zijn bestemd voor de kinderen met een allergie of dieetwens en tellen niet mee met het reguliere aanbod. Halal boterhamworst is dus niet een tweede dagkeuze in het totale aanbod.

Meer informatie over veilig aanbieden van eten en drinken vind je op de pagina Voedselveiligheid op school.

sluiten
Rekening houden met kindermarketing

Met kindermarketing bedoelen wij reclame en promotie voor voedingsmiddelen specifiek gericht op kinderen. Uit onderzoek weten we dat kindermarketing een direct effect heeft op de kennis, voorkeuren en consumptiepatroon van kinderen. Bovendien heeft het een indirect effect op hun gezondheidstoestand. Het overgrote deel van deze kindermarketing gaat over producten die niet behoren tot Schijf van Vijf en daardoor niet bijdragen aan een gezond eetpatroon. Ze zijn rijk aan verzadigd vet, zout en/of suiker.

Reclames voor voedingsmiddelen, gericht op kinderen, proberen een eet- of drinkbehoefte te creëren bij hen. Denk bijvoorbeeld aan verpakkingen van ongezonde producten met vrolijke figuurtjes erop of leuzen als ‘speciaal voor kids’.  De reclames stimuleren kinderen om tussen maaltijden door te snacken. Ze geven bovendien vaak een rooskleurig beeld van de zogenaamde positieve gevolgen van het eten van producten die relatief veel energie en weinig belangrijke voedingsstoffen bevatten.

Als school kun je de blootstelling aan producten die veel suiker, verzadigd vet en of zout bevatten verminderen door deze producten te weren. Leg dit ook vast in het voedingsbeleid. Kijk ook kritisch naar lesmateriaal van commerciële partijen, zoals een kleurplaat van een bepaald merk broodbeleg of een puzzel van een bedrijf die veel ongezonde producten maakt. Door dit soort indirecte reclame kunnen kinderen gestuurd worden in hun voorkeuren of het idee krijgen dat bepaalde producten gezond zijn.

Naast het verminderen van blootstelling aan kindermarketing, kunnen kinderen ook mediawijs worden gemaakt, zodat zij beter weerstand leren bieden aan de verleiding die uitgaat van de marketing voor ongezonde producten. 

sluiten