Hoe werkt onze spijsvertering?
Vanaf de mond tot de anus kan voedsel 25 tot 48 uur onderweg zijn. Vloeibaar voedsel gaat bijvoorbeeld sneller door het maag-darmkanaal dan vast voedsel. Alles wat je eet wordt klein gemalen, vermengd en voortgestuwd, om zo de voedingsstoffen op te nemen in het bloed. Hieronder staat per onderdeel kort weergegeven hoe dat proces werkt.
Mond
In de mond komt het eten binnen. De tanden, kiezen en tong malen het eten fijn. Doordat het vermengt raakt met speeksel is het gemakkelijk om het voedsel door te slikken. Per 24 uur kan iemand ongeveer 1 tot 1,5 liter speeksel aanmaken.
Speeksel bestaat voor 95% uit water.
In het speeksel zit een enzym (amylase) dat vast kan inwerken op het zetmeel. Als we aan eten denken komt er al speeksel vrij. En afhankelijk van wat we eten verandert het speeksel. Eten we droog, dan komt er veel water bij. Eten we iets taais, dan komt er meer slijm bij.
Slokdarm
Als je het eten hebt doorgeslikt, komt het in de slokdarm (oesophagus) die uitkomt in de maag. De slokdarm is een gespierde buis van ongeveer dertig centimeter. Doordat er spieren omheen zitten kan de slokdarm kneden en wordt het voedsel geleidelijk naar de maag geleid.
Na doorslikken bereikt voedsel binnen enkel seconden de maag. Daarvoor moet het eten nog door een sluitspiertje (de slokdarmsfincter) op de overgang van slokdarm naar maag. Deze kringspier zorgt er ook voor dat het eten uit de maag niet meer omhoogkomt.
Maag
De maag is ongeveer 20 centimeter lang, maar varieert in grootte. In het eerste deel van de maag zitten maagplooien. Daardoor kan de maag uitzetten. Dit deel van de maag heeft een opslagfunctie. In de maag komt het eten samen met het maagsap. De maag maakt ongeveer 1 tot 1,5 liter maagsap per dag aan. Maagsap bestaat uit zoutzuur en bepaalde verteringsenzymen. Maagsap is heel zuur en daarom is de binnenkant van de maag beschermd met een slijmvlies.
Door de spijsverteringsenzymen komt de vertering van het voedsel verder op gang. Het zoutzuur in het maagsap doodt bacteriën die we met ons voedsel binnenkrijgen. De spieren aan de buitenkant van de maag kneden de inhoud. Dit gebeurt vooral in het onderste deel van de maag. Aan het einde van de maag zit een sluitspier (pylorus). Wanneer voedsel fijn genoeg is laat deze sluitspier het in kleine porties door naar het volgende deel van het spijsverteringskanaal.
In de maag wordt ook intrinsic factor gemaakt. Dat is een eiwit dat belangrijk is voor de opname van vitamine B12 later in de dunne darm. Verder worden in de maag het hormoon ghreline gemaakt, dat een rol speelt bij het hongergevoel.
Dunne darm
De vertering maakt dat voedingsstoffen beschikbaar zijn. De dunne darm zorgt ervoor dat deze via de darmwand in het lichaam terechtkomen. Dat gaat in een paar onderdelen van de dunne darm. In totaal is de dunne darm wel 3 tot 10 meter lang. Het eten komt na de maag via een sluitspier uit in de twaalfvingerige darm (duodenum). In dit deel komen er verteringssappen uit de alvleesklier en galblaas bij.
Daarna gaat het voedsel via de nuchtere darm (jejunum) en de kronkeldarm (ileum) als waterdunne vloeistof door naar de dikke darm. Doordat de wand van de dunne darm sterk geplooid is, heeft het een groot oppervlakte. Dit is nodig om ervoor te zorgen dat de opname van voedingsstoffen goed verloopt.
De opname van voedingsstoffen vindt met name plaats in twaalfvingerige darm en de nuchtere darm. In de kronkeldarm vindt vooral de opname van vocht plaats. Vocht is eerder in de darm tijdens het verteringsproces terechtgekomen.
In de dunne darm worden naast spijsverteringsenzymen, ook verschillende hormonen geproduceerd die betrokken zijn bij verteringsprocessen.
Alvleesklier
In de alvleesklier wordt alvleeskliersap gemaakt. Dit wordt aan het begin van de dunne darm toegevoegd aan de voedselbrij. Hierin zitten verschillende soorten spijsverteringsenzymen, bijvoorbeeld lipase voor de vertering van vetten. In de alvleesklier wordt ook insuline gemaakt dat nodig is voor de suikerstofwisseling. Insuline wordt afgegeven aan het bloed.
Galblaas
Op hetzelfde punt in de dunne darm komt galvloeistof uit de galblaas bij de voedselbrij. Gal wordt gemaakt door de lever, dat wordt opgeslagen in de galblaas. Deze vloeistof is vooral nodig om vetten te verteren.
Lever
Ook de lever draagt bij aan het spijsverteringsproces. Dit orgaan maakt galvloeistof, maar staat via de poortader ook vrij direct in contact met de darmen. Alle (voedings)stoffen, die net zijn opgenomen in het bloed, komen zo eerst langs de lever.
De lever is in feite de biochemische fabriek van het lichaam. Er vindt productie plaats van eiwitten en cholesterol, en de lever verwerkt glucose. De lever filtert schadelijke stoffen en afvalstoffen uit het bloed. Deze verlaten het lichaam via de gal of de urine.
Dikke darm, endeldarm en anus
Het waterige mengsel met onverteerbare voedselresten komt in de dikke darm een mix van darmbacteriën tegen. De bacteriën kunnen bepaalde onverteerbare vezels omzetten in stoffen die het lichaam wel kan opnemen of die de bacteriën zelf gebruiken.
Verder onttrekt de dikke darm water en zouten uit de dunne brij. Zo ontstaat soepele en toch vaste poep (ontlasting). De endeldarm slaat dit tijdelijk op. Tot je aandrang krijgt en de poep via de anus het lichaam verlaat.
Hoe zorg je voor een goede spijsvertering?
De volgende algemene adviezen gelden voor een goede spijsvertering:
- Zorg voor een volwaardige voeding met voldoende variatie. De Schijf van Vijf is daarvoor een richtlijn.
- Drink elke dag voldoende. Lees meer over een goede vochtbalans.
- Eet veel vezels. Er zitten onder andere veel vezels in volkorenproducten, peulvruchten, noten, groente en fruit. Bekijk tips om meer vezels te eten.
- Goed kauwen helpt om het eten beter te verteren. Verzorg daarom je tanden en kiezen. Kunstgebitten moeten goed passen.
- Eet regelmatig en sla geen maaltijden over. Voor sommige mensen werkt het goed om 3 hoofdmaaltijden per dag te eten met enkele tussendoortjes. Andere mensen bevalt het bijvoorbeeld beter om 6 kleine maaltijden te gebruiken.
Voedingsadvies bij klachten
Heb je last van je maag of darm? Lees dan onze pagina over maag-darmklachten.
Meer informatie over spijsvertering
Op de website van het Maag Darm Lever Fonds vind je veel informatie over alles wat met de spijsvertering te maken heeft.
Belangrijkste bronnen spijsvertering
- Van Bodegraven, A., H2 Anatomie en functie van de tractus digestivus, in Leerboek Voeding, M. Soeters, et al., Editors. 2023, Bohn Stafleu van Loghum: Houten.
- Wiersdma, N. and K. Koopman, H3 Vertering en absorptie, in Leerboek Voeding, M.R. Soeters, et al., Editors. 2023. Bohn Stafleu van Loghum: Houten.
Of lees meer over hoe wij als Voedingscentrum onderzoek vertalen naar de praktijk.